And it’s gone. Steeds meer tuinen in Stad verstenen. Dat is een slechte zaak voor de leefbaarheid

Een toene ergens in Stad. Doet er niet toe waar. Gaat niet om garden shaming, maar om stykje bewustwordings

Belerend? Misschien. Makkelijk lullen met een balkon? Zeker. Bemoeizuchtig? Wellicht. Iedereen is baas over eigen tuin. Maar er is ook nog zoiets als een collectieve verantwoordelijkheid voor moeder aarde en Stad. En het is ergens ook grappig. Je zult voor de housewarmings maar een mooie tuinplant als kado geven.

Met dank aan globale verwarming staan we voor pittige uitdagings. De opwarming van de aarde zorgt namelijk voor extremere weertypes. Langer droog. Ziek veel regen in één keer. Oplopende temperaturen, zeker in steden en meer van dat. Daarnaast hebben we ook nog te kampen met een enorme terugloop aan insecten en ander leven. Het water staat aan de lippen, volgens 99 procent van de wetenschap, ook al merken we dat nog niet altijd. Tijd om het tij te keren is er amper meer.

Alle beetjes helpen, true story

Een beetje bijsturen en de schade beperken is het beste en minste dat we kunnen doen met het oog op komende generaties. Letten op het energieverbruik. Scherp zijn op massaconsumptie. Minder goedkope tjak uit China halen. Zuinig zijn met water, niet te guitig met CO2, stik- en fijnstof. En als goed rentmeester waken over het spaarzame groen dat we nog hebben. In de natuur, in parken, maar ook in onze eigen tuinen en balkons.

Want groene tuinen zorgen ervoor dat regenwater makkelijker de bodem inzakt, waardoor het grondwaterpeil op beter niveau blijft en straten bij een pittige regenbui niet overstromen. Daarnaast levert groen schaduw. Bomen veel, struiken iets minder. Maar alle beetjes helpen om de temperatuur in steden terug te dringen. En het is goed voor de biodiversiteit. Tig insecten, slakken, egels, vogels, spinnen, bijen en meer hebben een goede habitat aan een groene tuin, ook al ligt die in Stad.

Onderzoek NASA

Dat zeggen wij overigens niet alleen. Een lading wetenschappelijke onderzoeken en publicaties onderstrepen die opvatting. Zo blijkt uit een studie van NASA dat steden gigantische boilers zijn met dank aan ‘ondoorlaatbare oppervlakten bestaande uit wegen, gebouwen en beton’. Daardoor ontstaan stedelijke hitte-eilanden waar de temperatuur een paar graden hoger ligt dan in het omringende platteland. De stedelijke infrastructuur houdt die namelijk vast. Meer groen doorbreekt die funeste dynamiek, blijkt uit het NASA-onderzoek.

“De hoeveelheid en het type vegetatie speelt een grote rol in het bepalen van de temperatuur in steden”, zegt Kurtis Thome, co-acteur van de paper. Bomen en planten spelen zelfs een essentiële rol om steden koel te houden. Bomen en planten koelen van nature de lucht af door te evapotranspireren. Dat is een ingewikkeld woord voor boomzeet waardoor de omgeving afkoelt. Dat foefje was al bekend, maar NASA heeft in beeld gebracht wat dat in praktijk doet: wijken, straten, buurten en tuinen met veel bomen, struiken en gras kunnen in de zomer een paar graden koeler zijn dan andere delen van de stad.

Daarom

Dat klinkt misschien als pinda’s. Maar bedenk dat één graad warmer twintig procent meer werk voor de airco oplevert. Dus. Conclusie van NASA en al die andere wetenschappers: maak van steden geen betonnen woestijnen. Dat is een van de beste wapens in strijdt tegen stijgende temperaturen. Daarom. Niet om te garden shamen (foto is zo anoniem mogelijk gemaakt). Wel stukkie bewustwording. Want Grunn met 38 graden en steeds minder bomen en planten is niet een heel chill vooruitzicht.


Psst, hier meer afleiding: