Nog één keer naar Fiorentina – verhaal


“Jezus man, we moeten echt heen. Hoezo gaan wij niet naar Fiorentina tegen Groningen?” Het is vijf dagen voor de aftrap in Florence. Om ons heen ontploft de Euroborg. Goran Lovre scoort net de 1-0 tegen Sparta.

In gedachten zijn we in Toscane. De vraag is al beantwoord. De blikken zeggen genoeg. De vraag is een opdracht geworden. Het startsein voor een ad-hoc-avontuur. Te beginnen met de kaarten. Die zijn uitverkocht, al weken. “Maar internet dan, Marktplaats, er moet toch wel wat te ritselen zijn?”

Een paar uur later een sms: “gevonden, Zuidhorn, niet eens duur, treurig verhaal, direct ophalen en alle vier afnemen.” Geen probleem, we zijn onderweg. Volgende horde, kaarten op onze naam krijgen. Want een voetbalkaart, is niet zomaar van jou, en betekent niet directe vrije toegang, ook al koop je hem van de rechtmatige eigenaar.

Fuck dat, we gaan gewoon heen

Kaarten staan op naam, gekoppeld aan een clubcard, verbonden aan je ID-kaart. En zonder koppeling is de kaart ongeldig. FC Groningen is resoluut aan de telefoon. “Die kaarten kunnen niet meer op jullie naam. Het is tekort dag en heengaan is kansloos. Je komt er niet in en wordt bij de grens al teruggestuurd.”

“Fuck dat, we gaan gewoon heen, we komen echt wel binnen.” Lang overleg is niet nodig. Het is duidelijk, geen enkele twijfel, het leven is een groen-witte roes. Groningen wint na jarenlang voetballen in de marge. De reus is ontwaakt en balt zijn vuist in Europa. Na het gelijkspel tegen Fiorentina thuis, lonkt Europees succes in het geliefde Italië. “Daar zijn wij bij, desnoods is het in een foute kroeg in Firenze.”

“Fanatici FC Groningen terrorizzano centro di Firenze”

Het is sikkom één uur. Wedstrijddag. Na een hectische rit met een bijna fataal ongeluk, noodweer in de Alpen, vele rondjes Italiaans toeteren en druk gebarend rondrijden in de binnenstad van Florence vinden we een hotel. Douchen, omkleden en hup de stad in. Fris en fruitig, en met onze blitse kleding bijna Italiaans-ogend, stappen we vol Europees voetbalmoed de straat op.

De eerste mensen die het pad kruisen en onze blikken vangen zijn Groningers. Het wemelt er van. Ze staan op iedere straathoek. Bij elk winkeltje wordt bier ingeslagen. De vreettenten zijn gevuld met hongerige boeren. Tijdens het kopen van wat alcohol en voedsel, in een pittoresk koffiebarretje vol met Fiorentina-prullaria, valt het oog op een krantenkop: “Fanatici FC Groningen terrorizzano centro di Firenze”. Wat de neuk gebeurt hier allemaal?

Fiorentina FC Groningen uitvak

Die galbak heeft wiet meegenomen

“Verdomd Gerard, kijk buiten, Stuffie is daar. Heeee Stuffie,” buldert door het etablissement. Stuffie stapt vol enthousiasme naar binnen. Hij is vrolijk, ongekend opgewekt voor de vaak zo nukkige Groninger. Hij staat al de hele week op de camping in de buurt en hij is stoned.

De ‘galbak’ heeft gewoon wiet meegenomen. Hij weet wat er is gebeurd vannacht, het verhaal achter de krantenkop wordt duidelijk. Normale FC-supporters zijn de afgelopen dagen aangevallen door ultra’s van La Viola, de plaatselijke hooligans. Dat gebeurt op een laffe manier.

Nachtje Fiorentina uit

Stuffie neemt ons mee naar de rumoerige nacht. Italianen broezen voorbij op een scooter, vallen met knuppels en messen petjes-en sjaal-supporters aan en springen daarna weer op hun brommobiel.

Hit and run. Dit pikt de Z-side niet. Die komt op voor de gewone supporters en zoekt de confrontatie met de beruchte harde kern van Fiorentina. Het resultaat pronkt in onbegrijpbaar Italiaans op de voorpagina van de krant die op tafel ligt.

Hoe anders is de sfeer nu. Ondanks dat de burgemeester de stad heeft drooggelegd, vloeit het alcohol rijkelijk en het nazomerzonnetje brandt door de zonnebril. Op naar het centrale plein, naar de rest. Naar de richting hoeven we niet te vragen. In de verte klinkt uit duizenden kelen “De Groene Hel die staat in brand, boeren vechten voor hun stad en Ommeland”

Firenze is onder de indruk

Aan de zijkant van het Pizza della Signoria (de Grote Markt van Florence) staart een Engelsman verwonderd naar de menigte. Hij is op romantische trip met vrouw- en kindlief. Maar eigenlijk wil hij een biertje opentrekken en zich even FC Groningen-supporter wanen. “Dit is fantastisch, ik ben Coventry-fan en ga overal heen in Engeland, maar dit heb ik nog nooit gezien. Pak ze aan die Italianen”.

Het bier blijft vloeien, de groep Groningers neemt toe, de cohesie groeit en het gezang krijgt mythische proporties. Sikkom 2500 Groningers zingen uit volle borst alle liederen die de club kent. Spandoeken worden trots uitgerold. Na een aantal uur zuipen en stiekem enkele trekjes van Stuffie zijn joint, is het tijd om te gaan.

De Z-side begint aan een mars door de stad, die de supporters naar gereedstaande bussen brengt. De wandeltocht is fenomenaal. Door de nauwe straten wurmen zich duizenden boeren. Zo ver het oog reikt is het straatbeeld groen-wit. Het gezang is indrukwekkend. “We are from the Green White Army. We are gonna win today!” Lokalen kijken vol ontzag naar de stoet. Firenze is onder de indruk.

“Je staat niet op de lijst, je komt er niet in”

Met luid gebonk op de ramen, supporters hangend uit het dakraam en vooral met heel veel kabaal komen één voor één de bussen aan bij de parkeerplaats naast het stadion. De spanning neemt bij iedereen toe. Het gras van het Stadio Artemio Franchi is bijna te ruiken.

Maar eerst, de laatste belangrijke horde. Hier worden de reiskaarten omgewisseld voor toegangskaarten. Dit is het moment van de naamcheck. De extase voortzetten in het stadion of gedesillusioneerd afdruipen naar een foute kroeg.

Het lijkt te lukken, Gerard heeft zonder vragen of een check zijn kaart omgewisseld. Rene ruilt ook soepel om. Voor mij bladert een steward streng en driftig door de namenlijst. “Je staat er niet op, je komt er niet in.”

Vol ongeloof kijk ik hem aan, achter hem verschijnen Gerard en Rene. “Maar meneer, ik heb gebeld, het was goed, dit is die kaart van dat gezin uit Zuidhorn, het kon wel volgens de FC,” staat Rene mij bij.

De steward kijkt nog één keer indringend en knikt instemmend. De tering we zijn er. We gaan naar binnen. Nog voordat het besef daalt, geeft Gerard mij een intense zoen op de wang. Hij schrikt er zelf van.

“Godverdomme, we gaan naar Fiorentina tegen FC Groningen!” De blijdschap die we delen is intens. Onze missie is geslaagd. Het avontuur is op weg naar de absolute apotheose.

Firenze Firenze schop ze in pense!

Binnen in het stadion is de sfeer grimmig. Italianen in het naburige vak doen stoer. Ze houden kartonnen borden omhoog met schofferende Nederlandse teksten. Sommige dragen zelfs Ajaxshirts. Het pesten gaat ver en de Groningse aanhang laat zich provoceren. “Firenze, Firenze schop ze in de pense, ” luidt het krachtige weerwoord.

Het wordt druk bij de dikke plexiglaswand, die het uitvak scheidt van de vakken daarnaast. Er verschijnt een ijzeren staaf, die enkele minuten daarvoor nog dienst deed als trapleuning. Met de staaf wordt, onder luid gejoel, ingebeukt op de wand.

De Italianen lachen hoogmoedig om het tafereel. Je ziet ze denken: ‘die domme Nederlanders, ze proberen door te breken. Dat is Roma, Milan en Napels niet gelukt, maar zou Groningen wel lukken?’

Dan breekt het glas, een groot gat ontstaat. Italianen stuiven naar achter, de Z-side imponeert. Agenten gewapend met machinegeweren enteren het Fiorentina-vak. De loop van geweren is gericht op de Groningers.

De dreiging van de uzi’s heeft effect. De opgewonden standjes zoeken gedwee de tribune op. Misschien komt het ook omdat de wedstrijd begint. Groningen start uitstekend. De kleine en onbeduidende club uit het Noorden voetbalt brutaal tegen het voetbalbolwerk uit Toscane.

Grote Fiorentina tegen nietige Groningen

Sankoh heeft Europese topspits Mutu in de tang. De 2500 Groningers op de tribune bepalen de sfeer in het stadion en Groningen valt, onder aanmoediging van de luid en massaal aanwezige 12e man, aan.

Van de Laak krijgt de bal op rand 16 aangespeeld. Een hakje op de aanstormende Nevland volgt. De Noor twijfelt geen moment en haalt uit. 1-0! Groningen staat voor. Een orkaan rolt vanuit het uitvak door Stadio Artemio Franchi. Fiorentina is stil.

Een fakkel gaat de lucht in. Groningers omhelzen elkaar, tranen rollen volop, sommige pleuren bij het juichen meters naar beneden. Het is een orgie van euforie en hoogopgelopen FC Groningen-koorts.

De extase is van korte duur. Drie minuten later scoort Fiorentina de gelijkmaker. Ontsteltenis in het uitvak. “Godverdomme, van Loo had die bal moeten hebben!” De wedstrijd eindigt met penals. Levchenko en Kolder missen voor Groningen.

Eén voor één het stadion uit

De Europese droom spat uit elkaar. Droefenis rest. Het boek kan dicht, maar niet voor de Italiaanse politie. Die willen perse de man met de staaf hebben en daarvoor wordt alles in het werk gezet. Helikopters cirkelen boven het stadion. Oom agent wil iedere Groninger, voor ze het stadion verlaten, in de ogen kijken.

Eén voor één moeten supporters door de strenge controle. Twee uur later is het uitvak nog niet leeg. Buiten het stadion zoeken Groningers troost bij elkaar. Met een illusie armer en een deceptie rijker, druipen ze voorzichtig en met de ziel onder de arm af richting stad.

Farmer till I die

Een uur later struinen wij ook door het oude centrum. “Heeft iemand de sleutel van het hotel?” Zes door alcohol vertroebelde ogen kijken elkaar geschrokken aan. De sleutel, nee die is ingeleverd bij de balie van het hotel. “Hebben we een visitekaartje of weet iemand überhaupt de naam van ons slaapadres? Nee, dat is onbekend, weggestopt achter een lading alcohol. Waar is ons hotel?

Dwalend door de stad valt het oog op een openstaand raam. In de kamer brandt licht, muggen vliegen met honderden tegelijk naar binnen. Een minzaam lachje volgt, “wat een sukkels daar, je laat je licht toch niet branden met het raam open?”

“Die lui worden lek geprikt vannacht.” Het is even stil. “Tering dat is onze hotelkamer,” klinkt het ineens opgetogen en scherp. “Daar slapen wij, kijk dan, dit plein is ons uitzicht.”

De voordeur van het hotel is open. We kunnen zo naar binnen, achter de balie een vriendelijke Italiaanse die ons zonder twijfel de sleutel geeft. We kunnen onze roes uitslapen. De spullen zijn gered, de autosleutel ligt nog op het nachtkastje. De deceptie van Firenze krijgt geen vervelend staartje.

Na de opluchting groeit het besef. Dit is een verdomd vet avontuur en ondanks de zure uitschakeling, is het de trip van ons leven. Dit pakt niemand ons, en al die andere Groningers nog af. “Farmer till I die!”

  • Voor Groningers die nu overvallen worden met heimwee: Google Fiorentina Groningen en je struikelt over zoete herinneringen.

 

Psst, hier meer afleiding: