Piet van Dijken draaft door: Bladblazer

Om half 7 in de ochtend wordt de buurt achter het politiebureau verrast op een wagentje van de milieudienst, dat met helse geluiden de functie van bladblazen op zich neemt. De man die in het wagentje zit zorgt ervoor dat bijkans alle bladeren, die zich achter het politiebureau hebben verzameld, verdwijnen.

Terwijl ik met een schok wakker ben geworden van de herrie die het wagentje fabriceert, verdiep ik me een poosje in het mannetje in het rode wagentje en vraag me af hoe het voelt om mensen op dit tijdstip de stuipen op het lijf te jagen? Wat is hier in godsnaam nu lekker aan? Krijgt het mannetje ter plekke een orgasme wanneer hij aan al die mensen denkt die hij op dit vroege uur met bladblazen aan het pesten is?

Ikzelf heb op dat moment heel andere gedachten. Over wat er nu eigenlijk erger is, doodgaan om half 7 in de morgen of om 5 uur opstaan om op een herfstige dag in je wagentje te stappen en vanaf half 7 bladeren te blazen aan de oostkant van Stad om mensen al heel vroeg uit hun toch veelal welverdiende slaap te houden?

Over de dood gesproken, deze is weer net even teveel in mijn leven aanwezig. De dood hoort erbij, ik weet het, maar wennen doet het nooit. De lach is weg. Ik weet nog dat zij het ruim tien jaar geleden tegen me zei. De lach was haar ding en toen ze me vertelde dat die weg was wist ik dat het niet lang meer zou duren. Kort daarna stierf ze.

Recent zei Greetje tegen mij dat ik nog steeds die kwajongen ben van vroeger. Dat die kwajongen nog steeds in me zit. Dit is in vele opzichten fijn om te horen, vooral omdat ik weet dat op een dag die kwajongen weg zal zijn en de dood dan niet ver weg meer is. Ik heb pas het boek van voetbaltrainer Fritz Korbach gelezen, en ook bij hem school tot aan zijn dood die kwajongen. Weliswaar op een iets andere wijze dan bij mij, maar de overeenkomst van twee kwajongens is er zeker.

Ik weet nog dat ik Fritz interviewde in de Martinikerk. Het werd een hilarisch gesprek. Zijn toenmalige vriendin uit Leeuwarden was meegekomen en natijd gingen we bier drinken in De Wolthoorn. Heel laat fietste ik die nacht naar huis met de gedachte dat kwajongen zijn zeker zijn voordelen kent. Die avond en nacht met Fritz en vriendin was hiervan het levende bewijs. Op de dag dat Fritz Korbach stierf had hij in de ochtend nog gezegd dat hij die middag naar FC Groningen wilde. Zelfs de kwajongen is dit niet meer gelukt.

Tot slot toch nog even terug naar de bladblazer en dan expliciet naar de vraag wat nou erger is, bladblazen in alle vroegte of op dat tijdstip doodgaan? Na lang nadenken ben ik er wel uit. Geef mij dan toch nog maar zo’n rood wagentje van de milieudienst.

Door Piet van Dijken

“Fritz Korbach is altijd een kwajongen gebleven”, aldus Piet.

Psst, hier meer afleiding: