Piet van dijken draaft door: Scheuveln

Scheuveln op de Hamburgervijver

Hé Piet mien jong, wordt er nog gescheuveld? Twee mannen met van die ouderwetse Ard Schenk en Kees Verkerk mutsjes op de kop roepen het me toe, terwijl ik met steenkoude handen op de Ubbo Emmiussingel fiets. Nee, antwoord ik, nee, mij niet gezien. Veul te kold. Geen conditie genoeg zeker, schreeuwt de kleinste van het duo. Nee pipo, ik heb gewoon zwakke enkels. Voordat de mannen kunnen reageren ben ik al de bocht om. Wil maar één ding: handen onder de hete kraan.

Zwakke enkels. Dat excuus gebruikte ik al toen ik nog een adolescent was en aardig schaatste op de vijver in de Hamburgerstraat. De eerste rondjes waren geen probleem maar naarmate de middag vorderde kreeg ik steeds meer last van de voeten. Mijn zwakke enkels speelden op en het was altijd weer een opluchting wanneer ik de schaatsen uit kon trekken. Mijn favoriete schaatser was toentertijd Rudie Liebregts. Niemand die mooier schaatste dan Rudie. Een heuse stilist. Rudie in zijn zo herkenbare schitterende stijl, sprak commentator van dienst Heinze Bakker vol bewondering.

Rudie Liebregts was ook een redelijk succesvol wielrenner. De man is nu 80 jaar en heeft vast en zeker nooit last van zwakke enkels gehad. Net als Jo de Roo, die als wielrenner in 1962 en in 1963 twee keer de Ronde van Lombardije won en in 1965 de Ronde van Vlaanderen, en waarvan werd gezegd dat er niemand was die mooier op de fiets zat dan de in Schore geboren Jo de Roo. Wat Rudie Liebregts had met schaatsen, had Jo de Roo met de racefiets. Dankzij deze twee klasbakken is de door mij regelmatig gebruikte uitdrukking ‘Mooi Man’ ontstaan.

Vannacht droomde ik nog over de schaatser Hilbert van Duim, die op een helder moment beweert dat hij op de 1500 meter is gevallen over een vogelpoepje, waarna ik op de achtergrond Leen Pfrommer hoor roepen dat Hilbert zich een ronde heeft vergist en zodoende denkt dat hij er al is. Hilbert jongen, je moet doorrijden! Hilbert van der Duim was een groot en vooral ook kleurrijk kampioen, waar altijd wel iets mee aan de hand was. Mooie vent. Laatst zag ik hem nog in Stad. Moi Hilbert. Moi Radio Noord. Mooi man!

Leen Pfrommer zorgt er met diens geschreeuw wel voor dat ik uit mijn kortstondige droom ontwaak. De voormalig schaatscoach, die vorig jaar 85 is geworden, boekte grote successen met zowel Ard Schenk als  met Kees Verkerk. Ard, ook wel genoemd ‘de lange uit Anna Paulowna’, en Keessie, ‘de kasteleinszoon uit Puttershoek’. Wanneer je vanuit Stad over de Afsluitdijk naar Texel rijdt kom je langs het geboortedorp van Ard Schenk. Ikzelf moet altijd even aan hem denken wanneer ik het plaatsnaambordje zie. Een groot sportman was het.

Schaatser Peter Nottet, wie kent hem nog, had als bijnaam ‘de gebrilde Loosduiner’. Voor de niet kenner: Peter Wilhelmus Frederikus Nottet draagt een bril en woont in Loosduinen. Hij is trouwens geboren in Den Haag en won in 1968 een bronzen medaille op de Olympische Winterspelen in het Zwitserse Grenoble. Als deze column geen gratis informatie geeft aan de lezers van Sikkom, dan weet ik het ook niet meer. Beetje googelen, maar vooral geput uit eigen parate kennis. Veel schaatsplezier gewenst.

Door Piet van Dijken   

Psst, hier meer afleiding: