Piet van Dijken draaft door: teruggevonden stukje

Samen met Martin Bril in 2005 bij het Newscafé

“Geniet jij nog een beetje van het voetbal?” De man naast mij vraagt het met een glimlach in de ogen. Hij heeft een baard en draagt een blauw overhemd. Ik zit op de achterste rij van de synagoge in de Folkingestraat. In afwachting van een lezing van Jan Keulen en Martin Bril over de jaren zeventig in de Big City. Jean Pierre Rawie is er ook.

De helaas te weinig producerende dichter heeft zich voor deze middag in een donkergrijs pak gehesen, iets dat niet is besteed aan Simon Kuipers, voorheen rector magnificus van de Groninger universiteit die, als een van weinige mannen in Nederland, nog gekleed gaat in een heuse plusfour, met daaronder de bijbehorende geblokte sokken. Frank den Hollander praat met Luuk Hajema, de oud-hoofdredacteur van de Universiteitskrant.

Den Hollander maakte 25 jaar geleden furore als Rooie Rinus door samen met Peter de Haan, alias Pé Daalemmer, over de Hoornse Plas te zingen. Het waren de seventies, de roerige jaren in de Groninger binnenstad, toen vrouwen nog drie keer moesten klaarkomen (sic. Martin Bril). Ik lees deze ontboezeming in een speciale uitgave van de Universiteitskrant, die elke bezoeker gratis bij binnenkomst krijgt uitgereikt. In dezelfde krant ook een foto van een nog heel jonge Bril, toen al met de onvermijdelijke pen in de linkerhand. De foto is 26 jaar geleden gemaakt door de Stadse fotograaf Elmer Spaargaren, die nog altijd voor de UK fotografeert.

Spaargaren zit dan ook pontificaal vooraan om later foto’s voor het komende nummer te schieten. Vlak voor aanvang van de lezing rook ik nog een sigaret op de hoek met het Zuiderdiep. Wanneer ik terug kom bij de synagoge blijkt de groene voordeur hermetisch gesloten. Niemand die op mijn kloppen reageert. Daar gaat mijn lezing. Het enige dat me op dat moment nog aan Martin Bril doet denken is een haastig door hem weggeschoten sigarettenpeuk van het merk John Player Special.

De peuk ligt nog na te smeulen op het hete asfalt van de Folkingestraat. Doelloos fiets ik door de binnenstad. Gelukkig zit Koos Huizenga voor de deur van café ‘De Sleutel’ aan de Noorderhaven. Naast Huizinga zit Henk Scholte, zanger van de groep Tõrf. “Weet één van jullie hoe je een Fries kunt verneuken?”, vraagt Hinderk. We moeten helaas het antwoord schuldig blijven. Waarna Scholte zegt dat je dan het beste maar een Drent mee kunt nemen.

“Dan blijft het tenminste in het midden wie er van beiden wordt gediscrimineerd.” Voor even dwarrelt er een vleugje humor over de zo idyllische Noorderhaven. Teruggekomen in de Folkingestraat steek ik de inmiddels opgebrande peuk in mijn zak. Als een soort van aandenken aan een toch wel weer opwindende middag. De peuk van Martin ligt trouwens nog steeds ergens bij mij op het keukenkastje.

Nawoord. Deze column uit 2006 kwam ik tegen in het schuurtje. Het A-viertje lag in een verhuisdoos. Ingeklemd tussen allerhande foto’s. Wanneer ik het stukje eerder had teruggevonden had ik het zeker een plekje in mijn boek gegeven. De Volkskrant heeft dit stukje niet gehaald. Die van Jim Rotteveel wel. Zijn imitatie van Martin Bril was nu eenmaal beter dan de mijne.      

Psst, hier meer afleiding: