ProRail trekt boetekleed aan en compenseert voor kaalslag langs spoor

ProRail

Langs het spoor in Stad tussen Station Noord en Reitdiep is bijna al het groen begin dit jaar rucksichlos gekapt. Dat was niet volgens afspraak, stelden gemeente en provincie. Welles, zei ProRail. Maar nu bekent de spoorbeheerder toch schuld en er volgt compensatie.

De groenstrook langs het spoor behoort tot het ecologisch kerngebied van Stad. Belangrijk dus dat het groen daar behouden blijft, zodat vogels en andere dieren een toevluchtsoord hebben. Daar had Strukton lak aan.De aannemer smeet alle bomen, struiken en ander groen de versnipperaar in. Dat was volgens de gemeente en provincie in strijd met de afgegeven vergunning. De afspraak was namelijk dat er geen bomen gekapt zouden worden waar een vergunning voor nodig was.

Welles, nietes, toch welles

Zou dat wel gebeuren, dan moest ProRail eerst ecologisch onderzoek verrichten. De bomen zijn net als al het andere groen verdwenen, het ecologisch onderzoek is nooit uitgevoerd. Begin februari eiste de wethouder daarom dat er compensatie zou volgen. Daarop stuurde Aldert Baas, woordvoerder van Prorail, ons de volgende app: “Wij zijn, tot het tegendeel is bewezen, nog steeds van mening dat we ons hebben gehouden aan de vergunning en de Wet Natuurbescherming.”

Kennelijk is inmiddels het tegendeel bewezen. Want zojuist komt er een nieuw bericht van Aldert binnen: “ProRail biedt met herplanting compensatie voor kappen.” Daaronder volgt een lap tekst met uitleg en compensatiebeloftes. In het kort: “Alleen bomen met een doorsnede kleiner dan twintig centimeter en bramenstruiken mochten verwijderd worden. De overige lagen begroeiing hadden moeten blijven staan. In praktijk bleken de diverse begroeiingen één geheel te vormen en onmogelijk los van elkaar te bewerken.” Nou, ja soort van sorry dus. En boetedoening.

Artikel gaat verder onder het plaatje

Compensatie van ProRail

In overleg met de gemeente voert ProRail het volgende compensatievoorstel uit:

– Voor de 19 verwijderde boomvormers met een doorsnede groter dan 20 cm vindt een herplant plaats. Het gaat om een mix van Fraxinus Ornus (pluim es), Mespillus Germanica (mispel) en Prunus Cerasifera (kers). Over het algemeen zijn er twee ideale periodes waarin bomen het beste geplant kunnen worden. In het voorjaar (maanden maart – april) of in het najaar (oktober- november). Er is gekozen om de bomen in april te planten.

– De herplant vindt plaats in het gebied waar de boomvormers zijn verwijderd. Daarbij wordt rekening gehouden met de locatie van de herplant zodat de bomen niet over enkele jaren een gevaar gaan vormen voor het spoor.

– Voor de verwijderde lage begroeiing is de ervaring dat deze uit zichzelf herstelt en aangroeit. In september 2020 gaan de gemeente en de aannemer samen bekijken of daar sprake van is. Als deze zich herstelt, zal hiervoor geen verdere compensatie gedaan worden. Mocht er geen herstel zichtbaar zijn, dan volgt compensatie van de lage begroeiing.

– Daarnaast worden er rond de herplante bomen extra 200 nieuwe heesters geplant omdat het herstellen van de gemaaide heesters tot volwaardige planten, een aantal jaren in beslag neemt.